Dag 66: Plymouth, California

Vandaag was het weer tijd voor een grote dag met veel kilometers en hoogtemeters. Rick had een flinke bak havermout voor me gemaakt en Janet had koffie gezet. We praatten nog even en namen daarna afscheid. Om 7:45 uur reed ik over de Pioneer Road richting Highway 89. Eerst moest de Luther Pass bedwongen worden. Daarna stond de Carson Pass op het menu. Er stond een aardige wind en ik moest zelfs een klein stukje lopen. Het venijnige van de Carson Pass is dat je denk dat het erna alleen maar afdalen is, maar dat is dus niet zo. Er moet nog een aantal keer flink geklommen worden.

Bij Cook’s Station, waar ik een paar dagen eerder ook was, haalde ik gezouten cashewnoten, cola en een Snickers. Ik was nu al kapot van de hitte. Op ruim een kilometer lager was het al een stuk warmer dan daarboven, en dat zou alleen nog maar erger worden. Vanaf Cook’s Station was het grotendeels afdalen, maar af en toe moest er wel flink getrapt worden om de vaart erin te houden. Het uitzicht was af en toe weer adembenemend.

Na 150 kilometer trok ik het letterlijk niet meer. Bij de supermarkt in Plymouth kocht ik allemaal zout eten en Gatorade. Het duurde een uur voordat de energie weer terugkwam. Ik was overvallen door de hitte beneden in de vallei en had door de wind niet door dat ik zo erg had gezweet. Volgende keer toch wat beter opletten.

Na een telefoontje met mijn vriendin, en wat eten en drinken, kwam langzaam de energie weer terug. Een local gaf me een visitekaartje van het Old Well Motel in Drytown, een paar kilometer verderop. Ik belde ze op en ze hadden nog een kamer voor 70 dollar. Eenmaal aangekomen bleek het een schattig oud motelletje. Ik was dolblij dat ik hier een nachtje kon vertoeven.