Dag 25: Rosiclare, Illinois

Het was al voorspeld, vandaag zou het veel gaan regenen. Ondanks dat ik goed had geslapen had ik geen zin om op de fiets te stappen. Ik was niet eens wakker geworden van de industriële treinen die elk uur toeterend door Sebree heen denderen. Ik had binnen een mum van tijd alles ingepakt. Zo kon ik in alles rust een broodje eten en nog even gebruik maken van de wifi-verbinding.

Ik vertrok eerder dan Alan richting het centrum van Sebree. Hier kon ik koffie krijgen en nog wat extra’s voor onderweg. Rond 8:30 uur liet ik het stadje Sebree achter mij. Dixon was het eerstvolgende stadje na ongeveer 20 kilometer. De ironie wil dat we net kaartjes hebben gekocht voor een feest in San Fransisco, daar draait een dj genaamd Dixon. Ik ben benieuwd waar hij zijn naam vandaan heeft.

De regen vond ik eigenlijk helemaal niet zo erg, want het regende niet zo hard. Mijn gemiddelde snelheid lag op 22 km/u, veel sneller dan andere dagen. Ik had gisteren al besloten dat ik niet langs het plaatsje Marion zou gaan. In plaats daarvan ging ik direct met het pondje de rivier de Ohio over naar het plaatsje Cave-In-Rock. Op die manier kon ik daar mijn lunchpauze houden bij een restaurantje. In de verte zag ik het pondje al liggen. Ik liet mijn fiets uitrollen over de lange rechte weg naar beneden. Het was goed te zien dat de rivier tot voor kort erg hoog had gestaan. Met de oversteek van de rivier de Ohio liet ik de staat Kentucky achter mij. Welkom in Illinois!

Het stadje Cave-In-Rock had zijn originele naam te danken aan een grot in een rots aan de oever van de rivier de Ohio. Amerikanen zijn over het algemeen erg origineel in het bedenken van straat- en plaatsnamen. Ik nam een kijkje bij de grot! Helaas kon ik niet helemaal naar achteren in de grot, het was te modderig.

Na de lunch en de grot ging ik door naar Elizabethtown. Daar bestelde ik een Bud Light in de plaatselijke bar. Het stadje was een beetje verlaten en veel eet- en uitgaansgelegenheden waren gesloten. Ik besloot er niet te blijven, want even verderop was een stadje met een camping.

In Rosiclare kon ik op de camping terecht. Maar eerst ging ik nog een klein hapje eten bij een restaurant. Ik wilde Alan telefonisch laten weten dat ik verder was gereden dan Elizabethtown, alleen ik had geen bereik. Gelukkig mocht ik via de telefoon van het meisje dat in het restaurant werkte verbinding maken met internet, ze vertelde dat ze toch onbeperkt internet had. Alan had me toevallig toegevoegd via Facebook en we hadden even contact. Hij stond net op het pondje en zou deze nacht in Elizabethtown verblijven. Ik zei dat een bezoek aan de grot de moeite waard was.

De camping was primitief zonder douche, maar in plaats daarvan was er genoeg gezelligheid. Ik werd uitgenodigd om samen met de host van de camping en wat locals een biertje te drinken bij het kampvuur. We hebben veel gelachen en het was leuk om de inwoners van Rosiclare beter te leren kennen.